Wij ontwerpen, installeren, onderhouden, inspecteren en engineeren bliksemafleiderinstallaties volgens de NEN-EN-IEC 62305-4. Deze kan bestaan uit klasse LPL1 (beveiligingsgraad 0,98), LPL2 (beveiligingsgraad 0,95), LPL3
Bij nieuwbouw wordt er in de meeste gevallen een ringleiding in de randbalk aangebracht die verbonden wordt op de aanwezige aardstaven in de heipalen. Tevens worden er stekeinden / cadweldplaten aangebracht t.b.v. de afgaande leidingen, liftput en laagspanningsruimte. Daarna zullen er in de spouw afgaande leidingen worden aangebracht. Bij aanwezige staalconstructie zal dit natuurlijke component dienen als afgaande leiding. De stekeinden welke door de dakconstructie worden aangebracht zullen door middel van dakdoorvoeren waterdicht afgewerkt worden. Als laatst wordt de opvanginrichting aangebracht en aangesloten op de aangebrachte stekeinden.
Bij bestaande objecten worden er rondom het object aardelektroden geslagen. Daarna worden de afgaande leidingen aangebracht en aangesloten op de geslagen aardelektroden. De onderste 2 meter van elke afgaande leiding wordt voorzien van een beschermbuis met meetkoppeling. Vervolgens wordt de opvanginrichting aangesloten op de aangebrachte afgaande leidingen. Als laatste wordt de veiligheidsaarding verbonden met de dichtst bij zijnde aardelektrode. Potentiaalvereffening wordt aangebracht om potentiaalverschil tussen de LPS (bliksemafleiderinstallatie) en de veiligheidsaarding op te heffen.